Oud-huisarts Alfons Olde Loohuis: 'Goede zorg voor Long Covid-patiënten ontbreekt'

7 oktober 2022 · Leestijd 5 min

Alfons Olde Loohuis, oud-huisarts en medisch adviseur van nazorgorganisatie C-Support, vindt dat er betere nazorg moet komen voor Long Covid-patiënten. Naast meer kennis en onderzoeken is er ook meer begrip nodig voor deze groep mensen, zegt hij:  "Voor de eerste maanden nadat je ziek bent is er wel zorg, zoals ergotherapie, fysiotherapie, logopedie en diëtiek, maar verder is het nog niet goed geregeld."

Toen de eerste gevallen van mensen met langdurige coronaklachten naar boven kwamen was dat voor Olde Loohuis een dejá-vu-moment. “Mensen konden ineens niks meer, dat was ook het geval bij langdurige klachten na een besmetting met Q-koorts. Een ding dat we daarvan leerde was dat postinfectieuze klachten echt bestonden.” Voor Olde Loohuis was het toen snel duidelijk dat corona nog voor een lange nasleep kon zorgen: “Het werd duidelijk dat we er iets mee moesten doen.” 

Voorbereid 
Naar aanleiding van eerder infectie-uitbraken werd Olde Loohuis, verantwoordelijk voor het meldpunt 'Q-support', gevraagd door voormalig minister Medische Zorg Bruins om ook paraat te zijn over andere langdurige klachten na infectieziekten. “Ik heb veel nascholing gegeven over behandeling van die klachten, maar ook over de dreiging van een nieuwe pandemie.”

Toen corona om de hoek kwam kijken kon de zorg daar dus vrij snel op anticiperen, zegt hij. Toch waren artsen niet op alles voorbereid. “In het begin was er vooral aandacht voor de acute fase van corona. Op langdurige ziektebeelden waren artsen helemaal niet voorbereid. Daarnaast duurde het ook nog heel lang voordat ze het echt begonnen te zien”, vertelt Olde Loohuis.  

Toch is dat niet vreemd: er zijn namelijk veel verschillende ziektebeelden als het gaat om Long Covid. "We hebben vier hypotheses. Sommige mensen hebben veel schade aan organen, bijvoorbeeld ziekenhuispatiënten. Je hebt mensen met blijvende infecties of infecties die terugkomen. Soms worden mensen beroerd en vallen veel af. Wat je ook veel ziet, is mensen met neuro inflammatoire beelden, dus slechte concentratie, slecht slapen, verwardheid. Ook hebben sommige mensen van alle symptomen wat." 

Specialisatiecentra
Dat dit nu duidelijk is is al heel wat. Onderzoeken over Long Covid en de behandeling ervan zijn er nog nauwelijks. “Allereerst is het belangrijk om meer kennis te verzamelen”, zegt Olde Loohuis. Ook benadrukt hij het belang van specialisatiecentra waar mensen met Long Covid verder geholpen kunnen worden. "Op zulke afdelingen zijn er dan huisartsen en revalidatieartsen die mensen begeleiden en doorverwijzen naar de specialisten die de patiënten verder kunnen behandelen, afhankelijk van de symptomen van de patiënt. Zo worden ze naar de goede straten van het ziekenhuis gestuurd en kunnen ze daarna weer bij de huisarts terugkomen voor verdere zorg." 

Hoewel ook de Tweede Kamer het belang van zo’n expertisecentrum inziet, gaat het realiseren ervan niet zo snel als dat Olde Loohuis zou wensen. “Ik snap dat er ook een kostenpost aan zit en dat er eerst over gepraat moet worden, maar het gaat voor mij persoonlijk gewoon te langzaam omdat ik de mensen zo in nood zie. Daar moeten we iets mee doen.”  

C-Support
Stil zit Olde Loohuis niet. Vanuit C-Support is hij betrokken bij de begeleiding van veel Long Covid-patiënten op medisch, psychologisch en sociaal vlak. "Dat werkt heel goed. Te goed eigenlijk, want ik schaam me ervoor dat we zoveel patiënten hebben. Dat laat zien dat er in de zorg in Nederland iets ontbreekt. Ik voel me belast dat mensen veel bij ons hopen te bereiken, maar dat we op medisch gebied weinig kunnen. We kunnen ze een luisterend oor bieden, maar we kunnen nog te weinig." 

Toch kan begrip en een luisterend oor al veel betekenen voor mensen met Long Covid, die vaak niet door hun omgeving begrepen worden. “Ik denk dat te weinig mensen echt goed luisteren, en aandacht geven aan de patiënten met Long Covid. Wij horen verhalen, en elke keer weer ben ik onder de indruk van de heftigheid van hun persoonlijke worstelingen, of het opstaan uit de stoel is om computer aan te zetten, het ongelofelijk imponerend om te zien hoe die mensen een schim zijn van zichzelf." 

Wel ziet Olde Loohuis de toekomst positief in. “Het gros van de mensen wordt redelijk eenvoudig en snel weer beter. Slechts een klein groepje, en dat geldt voor alle infectieziektes, lukt het niet om beter te worden.” Wat nu vooral nodig is is onderzoek, stelt Olde Loohuis. "Zowel biomedisch als interventies. We moeten hard aan de slag om daar meer aan te doen en ook in samenspraak met andere landen. We moeten niet allemaal hetzelfde doen, maar afstemmen wie wat gaat doen. Het is een wereldwijd probleem dat we samen moeten aanpakken."