Waarom hoofdeconoom Edin Mujagic juist wel pleit voor compensatie van dalende koopkracht

15 augustus 2022 · Leestijd 3 min

Hoofdeconoom Edin Mujagic vindt het tijd dat de overheid ingrijpt nu steeds meer mensen moeite hebben om hun boodschappen en energierekening te betalen. “Inflatie komt altijd terecht op de schouders van mensen die het toch al niet breed hebben.”

Er zijn veel huishoudens in Nederland die in goede economische tijden al nauwelijks geld achter de hand hebben voor als bijvoorbeeld hun wasmachine stuk gaat, zegt de econoom in Dit is de Dag. “Er zijn steeds meer mensen die moeten bepalen welke rekening ze deze maand niet gaan betalen, simpelweg omdat ze het geld niet hebben”, zegt hij.

Hij wijst op de hoge inflatiecijfers. “Het is nu boven de 10 procent. De laatste keer dat dit zo was, was in de jaren zeventig. Uit het verleden weten we dat inflatie altijd het zwaarst terechtkomt op de schouders van mensen die het toch al niet breed hebben. En die groep moet je als samenleving zoveel mogelijk proberen te ontzien.”

Compenseren doe je niet alleen omwille van de economie, zegt Mujagic. “Omdat de arme en vooral de middenklasse een soort lijm is die de samenleving bij elkaar houdt. Dat zorgt voor economische en maatschappelijke stabiliteit. Die moet je dus compenseren, omwille van de economie en de rust in het land zelf.”

Daarbij moet je ook eerlijk zijn, vindt hij. “Je kunt niet iedereen compenseren. En het compenseren van de daling van de koopkracht kan je niet eindeloos lang doen. Als overheid moet je kijken: waar kan ik de armsten in de samenleving helpen?”

Daarvoor is maatwerk nodig, zegt hij. “Zo hebben mensen aan de onderkant van de samenleving er niks aan dat de prijzen van de pomp omlaag gingen door de tijdelijke verlaging van de btw, omdat zij geen autorijden. Je moet concreet kijken hoe je het inkomen van armere mensen kan verhogen en dat kan je misschien doen door de eerste schijf van de belasting omlaag te gooien, zodat zij netto meer overhouden.”

De mening van universitair docent Jelle van Baardewijk dat er ook meer van de middenklasse verwacht mag worden, deelt hij niet helemaal. “Veel huishoudens hebben in goede economische tijden nauwelijks geld achter de hand voor als bijvoorbeeld hun wasmachine stukgaat. Cijfers wijzen duidelijk uit dat we al vijftig jaar lang boven onze eigen stand leven. De schuld hiervan ligt voor een deel bij de overheid."